Sociaal wonen: Een sociaal woonbeleidsconvenant sluiten en uitvoeren

Wanneer is een sociaal woonbeleidsconvenant nodig?

Sinds 1 november 2017 is het Procedurebesluit Wonen van 14 juli 2017 van kracht. Dat besluit regelt de procedure voor de planning, de programmatie en de realisatie van sociale woonprojecten. Meer informatie over de nieuwe procedure vindt u op de pagina Sociale woonprojecten stimuleren.

Voor de volgende categorieën van projecten bevat de lokale woontoets – uit te voeren door de gemeente na bespreking van het project op het lokaal woonoverleg – een toets aan het BSO:

  • Nieuwbouw van sociale huurwoningen

  • Vervangingsbouw of renovatie van sociale huurwoningen met toename van meer dan 20% op projectniveau

  • Verwerving van goede woningen

Voor de toets aan het BSO kijkt de gemeente naar het saldo van het BSO. In de module Projectopvolging van het Projectportaal wordt voor elke gemeente een BSO-teller bijgehouden. Zolang er nog een saldo is, kan de gemeente de BSO-toets positief beoordelen. Als de BSO-teller op nul staat, zal de BSO-toets een negatief resultaat krijgen.

Na het sluiten van een sociaal woonbeleidsconvenant – en alleen dan – wordt de teller opnieuw naar boven bijgesteld met het in het convenant afgesproken aantal sociale huurwoningen. Zolang er een saldo is, kan de gemeente de BSO-toets positief beoordelen. Als de BSO-teller opnieuw op nul staat, zal de BSO-toets een negatief resultaat krijgen en dient de gemeente desgevallend een nieuw convenant te sluiten.

Belangrijk: projecten die vóór 1 november 2017 besproken zijn op het lokaal woonoverleg en een gunstig advies van Wonen-Vlaanderen hebben gekregen, hebben geen sociaal woonbeleidsconvenant nodig. Zij komen automatisch terecht in de Projectenlijst.

 

Wie kan een sociaal woonbeleidsconvenant sluiten?

Een sociaal woonbeleidsconvenant wordt gesloten tussen de Vlaamse minister van Wonen en een stad of gemeente. Initiatiefnemers van sociale woonprojecten zijn dus geen partij bij het convenant. Zij dienen uiteraard wel betrokken te worden bij de besprekingen over de opmaak ervan.

Gemeenten kunnen een sociaal woonbeleidsconvenant sluiten als ze aan een van de volgende criteria voldoen:

  • De gemeente heeft op haar grondgebied minimaal 9% sociale huurwoningen ten opzichte van het aantal huishoudens op 1 januari 2008

  • De gemeente heeft haar BSO bereikt (minder dan 9% sociale huurwoningen)

  • De gemeente zal haar BSO bereiken als de projecten in de planning (Projectenlijst, meerjarenplanning, kortetermijnplanning en projecten in uitvoering) zijn uitgevoerd

Aan het laatste criterium is voldaan als de BSO-teller in de module Projectopvolging van het Projectportaal op nul staat.

 

Op welke tijdstippen kan een gemeente een sociaal woonbeleidsconvenant sluiten?

Er worden jaarlijks twee oproepen gelanceerd om sociaal woonbeleidsconvenanten te sluiten:

  • In de maand september, voor convenanten die op 1 januari van het volgende jaar van kracht worden

  • In de maand maart, voor convenanten die op 1 juli van hetzelfde jaar van kracht worden

De eerste oproep resulteerde in sociaal woonbeleidsconvenanten voor de periode 2014-2016, gesloten met 18 steden en gemeenten. Meer informatie over de eerste oproep vindt u in de PDF iconmededeling aan de Vlaamse regering van eind 2013.

Eind 2016 lanceerde de minister van Wonen een tweede oproep. Die resulteert in sociaal woonbeleidsconvenanten voor de periode van 1 juli 2017 tot 30 juni 2020, gesloten met 62 steden en gemeenten. U kan de lijst PDF icon hier raadplegen.

In de maand september 2017 lanceerde de minister van Wonen een derde oproep. Die oproep is gericht naar gemeenten die volgens de meting van het sociaal woonaanbod op 31 december 2016 in aanmerking komen voor een sociaal woonbeleidsconvenant en die geen ander convenant hebben. U kan de lijst van 10 gemeenten die een convenant gesloten hebben voor de periode van 1 januari 2018 tot 31 december 2020, PDF icon hier raadplegen.

In de maand maart 2018 lanceerde de minister van Wonen een vierde oproep. Die oproep is gericht naar gemeenten die volgens de meting van het sociaal woonaanbod op 31 december 2016 in aanmerking komen voor een sociaal woonbeleidsconvenant en die geen ander convenant hebben. U kan de lijst van 11 gemeenten die hebben aangegeven een convenant te willen sluiten, PDF icon hier raadplegen. De gemeenten in kwestie kunnen een convenant sluiten voor de periode van 1 juli 2018 tot 30 juni 2021.

Zodra er duidelijkheid is over de timing van de lancering van de vijfde oproep, zullen we u hier informeren.

 

Welke procedure moet ik volgen om een sociaal woonbeleidsconvenant te sluiten?

Stap 1. De VMSW contacteert de steden en gemeenten die in aanmerking komen om een convenant te sluiten. Zij worden gevraagd de VMSW tegen een bepaalde datum te laten weten of ze een convenant willen sluiten en, zo ja, voor hoeveel bijkomende sociale huurwoningen. De VMSW informeert ook de sociale huisvestingsmaatschappijen die werkzaam zijn in de betrokken gemeenten.

Steden en gemeenten dienen het gevraagde aantal bijkomende woningen te staven aan de hand van een lijst van concrete verrichtingen. Alleen de verrichtingen die minstens beschikken over een schetsontwerp, tellen mee. Dossiers CBO of D&B tellen mee, voor zover deze beschikken over de toelating tot fase 2 (CBO) of een ondertekend contract (D&B).

Stap 2. De VMSW lijst, in samenwerking met Wonen-Vlaanderen, de ingediende gegevens op en legt ze voor aan de minister van Wonen voor een principiële beslissing binnen een door haar beslist aan te wenden budget.

Stap 3. De VMSW informeert de steden en gemeenten die hebben aangegeven een convenant te willen sluiten over de toegekende aantallen bijkomende sociale huurwoningen. Zij krijgen ook een ontwerpconvenant.

Stap 4. Het ontwerpconvenant wordt besproken en desgevallend goedgekeurd op de gemeenteraad van de betrokken gemeente. De gemeente bezorgt het goedgekeurde convenant aan de VMSW.

Stap 5. De Vlaamse minister van Wonen ondertekent het convenant. Nadien wordt de BSO- teller in het Projectportaal bijgesteld op basis van het toegekende aantal bijkomende sociale huurwoningen.

Let wel: tussen stap 1 (lanceren van de oproep) en stap 5 (ondertekening door minister) zit een periode van ongeveer vier maanden. Houd bij de planning van de sociale woonprojecten en de organisatie van lokaal woonoverleg dus zeker rekening met de timing van de halfjaarlijkse oproepen.

 

Kan een gemeente meer dan 1 sociaal woonbeleidsconvenant hebben?

Een gemeente kan slechts 1 sociaal woonbeleidsconvenant tegelijk sluiten. Een convenant loopt af als de geldigheidsduur verstrijkt of als het contingent (woningaantal)  is opgebruikt.

Als het contingent opgebruikt is, kan de gemeente een nieuw convenant sluiten. Zij hoeft niet te wachten totdat de geldigheidsduur van het huidige convenant is afgelopen.

 

Contact

Adres: 
Wonen-Antwerpen, team lokale besturen
Lange Kievitstraat 111–113 bus 54
2018 Antwerpen
Telefoonnummer: 
Adres: 
Wonen Limburg, team lokale besturen
VAC
Koningin Astridlaan 50 bus 1
3500 Hasselt
Telefoonnummer: 

enkel voor lokale besturen

Adres: 
Wonen Oost–Vlaanderen, team lokale besturen
Virginie Lovelinggebouw
Koningin Maria Hendrikaplein 70 bus 92
9000 Gent

enkel voor lokale besturen

Adres: 
Wonen Vlaams–Brabant, team lokale besturen
Dirk Boutsgebouw
Diestsepoort 6 bus 92
3000 Leuven
Adres: 
Wonen West–Vlaanderen, team lokale besturen
VAC Jacob van Maerlantgebouw
Koning Albert I-laan 1/2 bus 93
8200 Brugge