De bezettingsnorm

Wat is de bezettingsnorm?

De bezettingsnorm van een woning bepaalt voor hoeveel personen een woning geschikt is. De norm wordt berekend op basis van het aantal woonlokalen (dit zijn keuken, woonkamer en slaapkamers) en de netto-vloeroppervlakte van deze woonlokalen. 

De bezettingsnorm vindt u terug in deel D van het technisch verslag voor de zelfstandige woningen en in deel F van dat van de kamers. Bij beide types kamers is er ook nog een stukje bezettingsnorm voor de gemeenschappelijke functies. De berekening van de bezettingsnorm staat uitvoerig beschreven in het PDF icon technisch handboek (blz 151-158 voor zelfstandige woningen en blz181 en blz 183-186 voor kamers).

 

De oppervlakteberekening

De totale netto-vloeroppervlakte van een zelfstandige woning moet minstens 18m² zijn. Hiervoor tellen enkel de woonlokalen (leefkamer(s), keuken en slaapkamers). Een kamer heeft een oppervlakte van minimaal 12m².

Er zijn wel twee afwijkingen voorzien voor zelfstandige woningen en kamers gebouwd of vergund vóór 1/10/2016 die niet aan deze oppervlaktenorm voldoen:

  • de oppervlakte van de aparte badkamer telt mee, met een maximum van 3m²;
  • de oppervlakte van de woning wordt met 2m² verhoogd als er een wandmeubel met opklapbaar bed of een hoogslaper van minimum 2 m² is geïnstalleerd als structurele ruimtebesparende maatregel. Voor een hoogslaper geldt de bijkomende voorwaarde dat er een vrije hoogte van 180cm onder de hoogslaper en 100cm boven de hoogslaper is.

De leefruimten of woonlokalen moeten een minimumhoogte van 220 centimeter hebben. Ook hier zijn er een paar uitzonderingen zoals voor hellende daken.

Met de volgende lokalen wordt geen rekening gehouden: - lokalen waarvan de in aanmerking te nemen netto-vloeroppervlakte kleiner is dan 4 m²; - lokalen die nergens een plafondhoogte van minstens 220 cm hebben.

 

Wanneer is een woning onaangepast / overbewoond?

Een woning is

  • onaangepast als er meer mensen wonen dan volgens de bezettingsnorm is toegelaten of als ze niet is aangepast aan de fysieke mogelijkheden van de bewoner. 
  • overbewoond als de bezettingsnorm zodanig is overschreden dat er een veiligheids- of gezondheidsrisico ontstaat.