Vlaamse beleidsprioriteiten, planning en rapportering via BBC

Vlaamse beleidsprioriteiten

Vlaamse beleidsprioriteiten zijn beleidsdoelstellingen die de Vlaamse Regering formuleert en waarbij ze, al dan niet met een subsidieregeling, de lokale besturen aanmoedigt of verplicht om binnen de geformuleerde doelstellingen een eigen lokaal beleid te voeren. In artikel 5 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 16 november 2018 over het lokaal woonbeleid worden drie Vlaamse beleidsprioriteiten voor wonen vastgesteld voor de periode  2020-2025:

1. De gemeente zorgt voor een divers en betaalbaar woonaanbod afhankelijk van de woonnoden.
2. De gemeente werkt aan de kwaliteit van het woningpatrimonium en de woonomgeving.
3. De gemeente informeert, adviseert en begeleidt inwoners met vragen over wonen.

In het kader van die drie Vlaamse beleidsprioriteiten moet elke Vlaamse gemeente een aantal activiteiten uitvoeren die zijn opgesomd in de artikels 6-8 van het besluit. Voor begeleiding en ondersteuning daarbij kunnen de gemeenten een beroep doen op Wonen-Vlaanderen.
De Vlaamse Regering wil de gemeenten via de subsidiëring van intergemeentelijke samenwerkingsprojecten stimuleren om de activiteiten die zijn opgesomd in de artikels 13-15 van het besluit uit te voeren in een intergemeentelijk samenwerkingsverband.

 

Digitale planning en rapportering  via BBC (BBC-DR)

De gemeenten plannen en rapporteren over de uitvoering van de Vlaamse beleidsprioriteiten aan de Vlaamse Regering via de beleids- en beheerscyclus die zij moeten toepassen (besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus). Meer informatie vindt u op de website van het Agentschap voor Binnenlands Bestuur. Specifieke vragen kunt u stellen aan de centrale helpdesk: bbcgop@vlaanderen.be.

Elke gemeente bepaalt voor zichzelf het onderscheid tussen prioritair beleid en overig beleid. Ook wat betreft de Vlaamse beleidsprioriteiten kunnen gemeenten voor zichzelf bepalen welke acties/actieplannen zij willen uitvoeren onder prioritair beleid en welke acties/actieplannen zij willen uitvoeren onder overig beleid. Prioritair beleid bestaat uit een gerichte selectie van prioritaire beleidsdoelstellingen waar één of meerdere prioritaire acties of actieplannen in kaderen waarvan de lokale bestuursploeg de mate van realisatie uitdrukkelijk wil opvolgen via regelmatige rapportering naar de raad. De niet-prioritaire beleidsdoelstellingen zijn de beleidsdoelstellingen waaronder geen prioritaire acties of actieplannen vallen. Die maken, samen met de verrichtingen die niet in beleidsdoelstellingen werden vertaald, deel uit van het overige beleid, wat niet betekent dat dit onbelangrijk beleid is. De keuze voor prioritaire beleidsdoelstellingen of overig beleid is van belang voor de manier van opvolgen en rapporteren over die beleidsdoelstellingen maar staat los van het belang dat aan die doelstellingen wordt gehecht.

De gemeenten die in 2020-2025 voor de drie Vlaamse beleidsprioriteiten lokaal woonbeleid prioritaire en/of niet-prioritaire beleidsacties/actieplannen zullen uitvoeren, maken gebruik van de volgende rapporteringscodes:

  • LWBVBP01 De gemeente zorgt voor een divers en betaalbaar woonaanbod in functie van de woonnoden.
  • LWBVBP02 De gemeente werkt aan de kwaliteit van het woningpatrimonium en de woonomgeving.
  • LWBVBP03 De gemeente informeert, adviseert en begeleidt inwoners met vragen over wonen.

Planning van het lokaal woonbeleid in het meerjarenplan
Een meerjarenplan bestaat uit een strategische nota, een financiële nota en een toelichting:
• de strategische nota bevat:
   o de prioritaire beleidsdoelstellingen met een omschrijving van de bijhorende prioritaire acties/actieplannen en vooropgestelde resultaten en de geraamde ontvangsten en uitgaven per prioritaire beleidsdoelstelling en per prioritaire actie/actieplan
   o een overzicht van de beleidsdoelstellingen waarin geen prioritaire acties/actieplannen kaderen en het totaalbedrag van de niet-prioritaire acties/actieplannen en de globale bedragen voor de verrichtingen die niet aan beleidsdoelstellingen gekoppeld zijn
   o een verwijzing naar de plaats waar het overzicht ter beschikking is met de omschrijving van alle beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties
Voor de 257 IGS-gemeenten volstaat het om in de strategische nota een url-link naar de subsidieaanvraag voor het IGS-project te vermelden.
• de financiële nota van het meerjarenplan bevat:
   o het financiële doelstellingenplan (model M1)
   o de staat van het financieel evenwicht (model M2)
   o het overzicht van de kredieten (model M3)
• de toelichting bevat alle relevante informatie voor raadsleden

Timing voor de digitale planning?
• Voor 31 december 2019 moet het meerjarenplan van de gemeente door de raad goedgekeurd worden (art. 254 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur).
• Uiterlijk op 15 januari 2020 moet het lokale bestuur de relevante onderdelen van de door de raad goedgekeurde strategische meerjarenplanning indienen op het digitaal loket voor lokale besturen op de website van het Agentschap voor Binnenlands Bestuur (art. 7 van het Planlastendecreet van 15 juli 2011).

Rapportering over het lokaal woonbeleid in de jaarrekening
Een jaarrekening bestaat uit een beleidsevaluatie, een financiële nota en een toelichting:
• de beleidsevaluatie bevat:
   o de prioritaire beleidsdoelstellingen, met een omschrijving van de mate van realisatie van de prioritaire acties/actieplannen
   o de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven per prioritaire beleidsdoelstelling en per prioritaire actie/actieplan en het gerealiseerde totaalbedrag van de niet-prioritaire acties/actieplannen en  de gerealiseerde globale bedragen voor de verrichtingen die niet aan beleidsdoelstellingen gekoppeld zijn.
Voor de 257 IGS-gemeenten volstaat het om in de beleidsevaluatie een url-link naar de rapportering/stuurgroepverslagen over het IGS-project te vermelden.
• de financiële nota van de jaarrekening bevat:
   o de doelstellingenrekening (model J1)
   o de staat van het financieel evenwicht (model J2)
   o de realisatie van de kredieten (model J3)
   o de balans (model J4)
   o de staat van opbrengsten en kosten (model J5)
• de toelichting bevat alle relevante informatie voor raadsleden (modelschema’s T1 tot T5)

Timing voor de digitale rapportering?

• De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft (art. 260 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur).

• Onmiddellijk na de definitieve vaststelling van de jaarrekening bezorgt de gemeente de gegevens over de vastgestelde jaarrekening in digitale vorm aan de Vlaamse Regering (art. 250 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, eerste lid). Als er nog geen jaarrekening is vastgesteld op 30 juni van het jaar dat volgt op het boekjaar in kwestie, bezorgt de gemeente de gegevens over het ontwerp van jaarrekening in digitale vorm aan de Vlaamse Regering (art. 250 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, tweede lid).

 

Regelgeving

Besluit van de Vlaamse Regering van 16 november 2018 over het lokaal woonbeleid

Meer regelgeving