Opvang daklozen tijdens winterperiode: principiële goedkeuring van wijziging aan het Kaderbesluit Sociale Huur en het Woningkwaliteitsbesluit

De Vlaamse Regering heeft haar principiële goedkeuring gehecht aan het besluit waarmee het Kaderbesluit Sociale Huur en het Woningkwaliteitsbesluit wijzigt. Over dit wijzigingsbesluit wordt nog advies ingewonnen bij de Vlaamse Woonraad en daarna bij de Raad van State. Dit besluit is dus nog niet van kracht, het is nog even wachten op de definitieve goedkeuring.

De Vlaamse Regering wil de lokale besturen meer mogelijkheden aanreiken om winteropvang aan te bieden voor dak- en thuislozen. Dit wil ze doen door:

  • het quotum voor verhuring van sociale huurwoningen buiten sociaal huurstelsel los te laten voor de woningen die verhuurd worden aan een lokaal bestuur of welzijnsorganisatie met het oog op winteropvang
  • een tijdelijke en beperkte afwijking op de kwaliteitsnormen mogelijk te maken (mits strikte voorwaarden).

Op 12 mei 2014 sloot de Vlaamse Gemeenschap een Samenwerkingsakkoord af met de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap, het Waalse Gewest, het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest en de Franse en Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissies van het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest over het voorkomen en bestrijden van dak- en thuisloosheid. In dat akkoord erkennen de ondertekenende partijen dat de winterperiode specifieke inspanningen kan vereisen omwille van de kwetsbaarheid van daklozen tijdens deze periode. Ze verklaren zich daarom bereid om, binnen hun bevoegdheden, de nodige inspanningen te leveren opdat elke dakloze over een slaapplaats en/of sociale begeleiding kan beschikken tijdens de winterperiode.

Daarom wil de Vlaamse Regering aan de lokale besturen, die bevoegd zijn voor de winteropvang van dak- en thuislozen, meer armslag geven en dat via twee sporen. Enerzijds door het quotum voor verhuring van sociale huurwoningen buiten sociaal huurstelsel los te laten voor de woningen die verhuurd worden aan een lokaal bestuur of welzijnsorganisatie met het oog op winteropvang. 

Anderzijds is, zoals beloofd in de beleidsnota Wonen 2014-2019, onderzocht of het in dat kader wenselijk en haalbaar is om beperkte en tijdelijke afwijkingen toe te staan op de minimale kwaliteitsvereisten die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn vastgesteld. Die afwijkingsmogelijkheid is immers sinds het Integratiedecreet Woningkwaliteit van 29 maart 2013 ingeschreven in artikel 5 van de Vlaamse Wooncode.  

Gelet op de precaire situatie van dak- en thuislozen tijdens de koude wintermaanden, wordt met dit voorontwerp een tijdelijke en beperkte afwijking op de kwaliteitsnormen mogelijk gemaakt. Aangezien het gaat over een afwijking op de absolute minimumnormen om menswaardig te kunnen wonen, worden strikte voorwaarden opgelegd:

  • Het moet gaan over sociale huurwoningen die door een lokaal bestuur of een welzijnsorganisatie tijdelijk in huur worden genomen in functie van winteropvang;
  • De verhuring van de sociale huisvestingsmaatschappij aan het lokaal bestuur of de welzijnsorganisatie mag in geen geval langer duren dan zes maanden;
  • De woning moet in ieder geval veilig en gezond zijn én veilig verwarmd kunnen worden;
  • Er moet begeleiding van de dak- en thuislozen voorzien worden.

Er wordt vanuit gegaan dat het lokaal bestuur vooraf een inventaris maakt van de gebouwen die geschikt zijn voor winteropvang, zoals aanbevolen in het “Draaiboek Winteropvang” van de POD Maatschappelijke Integratie, Armoedebestrijding, Sociale Economie en Grootstedenbeleid'. Het spreekt voor zich dat het in huur nemen van een sociale huurwoning voor winteropvang alleen in overweging wordt genomen als de reguliere opvangcapaciteit onvoldoende is. Het spreekt ook voor zich dat dit steeds in overleg met – én akkoord van - de sociale huisvestingsmaatschappij gebeurt. 

 

< Nieuwsoverzicht