Tijdelijke coronasubsidie voor gemeenten die bewoners herhuisvesten

Als een burgemeester een besluit tot onbewoonbaarverklaring of overbewoondverklaring neemt, moet hij de bewoners snel herhuisvesten. De coronamaatregelen bemoeilijken dit. Om de lokale besturen hierin bij te staan verstrekt het Vlaamse gewest tijdelijk een subsidie van maximaal 2.500 euro per herhuisvesting aan gemeenten.  


Voor welke herhuisvestingen kan uw lokaal bestuur de subsidie vragen?

Het Vlaamse Gewest wil met dit initiatief lokale besturen ondersteunen die tijdens de periode van coronamaatregelen besluiten tot onbewoonbaar- of overbewoondverklaring nemen en als gevolg daarvan herhuisvesting moeten organiseren. Het gaat over de bewoners van woningen (= zelfstandige woningen en kamers) die tijdens de periode van coronamaatregelen:

  • overbewoond zijn verklaard in toepassing van art. 17 van de Vlaamse wooncode of
  • onbewoonbaar zijn verklaard in toepassing van art. 15 of 16 van de Vlaamse Wooncode of
  • onbewoonbaar zijn verklaard in toepassing van art. 135 van de Nieuwe Gemeentewet.

De herhuisvestingsplicht van de burgemeester is strikt genomen beperkt tot de bewoners die voldoen aan de voorwaarden van inkomen en onroerend bezit om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning. Wat uiteraard niet wegneemt dat de burgemeester ook voor bewoners die niet onder deze voorwaarden vallen initiatieven mag nemen. In het kader van deze subsidie houdt het Vlaamse Gewest geen rekening met deze beperking op de herhuisvestingsplicht. De coronamaatregelen maken het immers momenteel voor elke bewoner moeilijk om op eigen kracht herhuisvesting te vinden, ongeacht zijn of haar inkomen.

Ook voor de herhuisvesting van bewoners met een (andere) woning in eigendom kan uw lokaal bestuur de subsidie vragen als u aantoont dat:

  • de bewoner op datum van het besluit niet over deze woning kon beschikken of
  • kwaliteitsvol wonen in de woning niet mogelijk was. Dat wil zeggen dat de woning ongeschikt of onbewoonbaar is of bij bewoning door de betreffende bewoners overbewoond zou zijn. Dit wordt aangetoond aan de hand van een door een woningcontroleur ingevuld technisch verslag (ongeschikt) of omstandig verslag (onbewoonbaar of overbewoond).

Er zijn geen bijkomende voorwaarden m.b.t. het verblijfsstatuut van de bewoners waarvoor de herhuisvesting georganiseerd wordt.   

 

Wanneer moet de herhuisvesting doorgaan?

Dit initiatief is afgestemd op de begin- en einddatum van de civiele noodsituatie. De startdatum van de civiele noodsituatie is bij Besluit van de Vlaamse regering van 20 maart 2020 vastgesteld op 20 maart en duurt 120 dagen, dit is tot en met 17 juli 2020. Dat wil zeggen dat het besluit van de burgemeester tot onbewoonbaarverklaring of overbewoondverklaring (of van de minister ingeval van beroep conform art. 16 of 17 van de Vlaamse Wooncode) moet genomen zijn ten vroegste op 20 maart 2020 en uiterlijk op 17 juli 2020 om in aanmerking te komen voor de subsidie.

De herhuisvesting zelf moet gebeuren binnen anderhalve maand na het besluit tot onbewoonbaarverklaring of overbewoondverklaring.

 

Hoe hoog is de subsidie?

De subsidie bedraagt maximaal 2.500 euro per herhuisvesting. Er is één subsidie mogelijk per zelfstandige woning of kamer die onbewoonbaar of overbewoond is verklaard tussen 20 maart en 17 juli 2020.    

Als uw gemeente minder kosten maakte bij de herhuisvesting dan 2.500 euro, dan is de subsidie beperkt tot het totaal van de gemaakte kosten. Volgende kosten komen in aanmerking:

  • Personeelskosten (o.b.v. een registratie van de gepresteerde uren)
  • Vervoers- en stockeerkosten (o.b.v. factuur privéfirma of forfaitaire kilometervergoeding)
  • Installatiekosten (aansluiting nutsvoorzieningen, opmaak plaatsbeschrijving, kost aankoop noodzakelijke meubels)
  • Verblijfskosten (max. 6 maanden na datum van herhuisvesting)

Het moet steeds gaan over kosten die de gemeente of het OCMW maakte. Kosten van het OCMW komen in aanmerking als de burgemeester het OCMW naar aanleiding van het besluit tot onbewoonbaar- of overbewoonverklaring de opdracht heeft gegeven om de herhuisvesting te organiseren.

Kosten die de bewoner zelf maakte komen niet in aanmerking.

 

Hoe vraag ik de subsidie aan?

U vraagt de subsidie aan na de herhuisvesting, zodra er zicht is op de gemaakte kosten.

Als het in eerste instantie over een tijdelijke herhuisvesting gaat (vb. in een nood- of transitwoning, hotel, jeugdherberg,…), gebeurt de aanvraag pas nadat de bewoners zijn verhuisd naar een duurzame woonoplossing of nadat de gemaakte kosten het forfait van 2.500 euro overschrijden.  

U vraagt de subsidie aan met het digitaal aanvraagformulier. Na deze digitale aanvraag mailt u een gedetailleerd overzicht van de gemaakte kosten per kostenpost, evenals de nodige bewijsstukken die deze kosten staven naar subsidieherhuisvesting@vlaanderen.be. De burgemeester en de algemeen directeur van uw gemeente ondertekenen en dateren het overzicht van de gemaakte kosten per kostenpost. 

 

Heeft u vragen over deze subsidie?

Stuur dan een mailtje naar uw Meldpunt Woningkwaliteit.

Contact

Meldpunt Woningkwaliteit voor de provincies Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant

Meldpunt Woningkwaliteit voor de provincies Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen